ZEILTACTIEK

Radiozeilen is een sport waarbij je vooraf tactisch denkt en bijna alle zintuigen nodig hebt om elke situatie juist in te schatten, correct te reageren volgens alle bestaande regels, gevoel voor fairplay, afgerond met alle kennis en ervaring die je momenteel hebt.

Start van een wedstrijd

Zeiltactiek is één van de belangrijkste elementen die je nodig hebt om tijdens een wedstrijd goede resultaten neer te zetten. Het is iets wat je jezelf moet aanleren, je ervaring opbouwen.

Als je wil deelnemen aan wedstrijden is de eerste stap om je zeiltactiek aan te leren, het goed volgen wat de betere radiozeilers als normale zeiltraject kiezen.

Wat doen ze voor de startfase, welke posities kiezen ze tov de anderen en ook waarom? Hoe starten ze en in welke richting? Over welke boeg starten ze tov de windrichting? Waar en wanneer gaan ze overstag? Welke koers houden ze aan en wanneer wijzigen ze deze?Het is een eindeloze lijst vragen die je jezelf kan stellen, maar elke vraag heeft een antwoord en ook een duidelijke reden.

De beste manier om het jezelf aan te leren is gefocust zijn en blijven, volgen wat anderen doen, tegelijk denken over het waarom en het begrijpen ervan.

In praktijk is het best om met de weinige en eigen tactische ervaringen, de betere boten te volgen. Begin geen eigen koers te varen, totaal verschillend aan de rest van het deelnemersveld. Je verliest iedereen uit het oog door je bijna constante focus op je eigen boot. Je ziet niet meer welke tactiek de anderen op het water uitvoeren.

Ervaring herken je meteen

Laat je niet verleiden door een enkele en zelfs hele goede zeiler die soms een heel aparte koers vaart. Zijn tactiek is op dat moment anders, maar om een wel bepaalde reden.  Zijn doel is om een verschil te kunnen maken en gokt op winst door te kiezen voor een andere koers. Een ervaren zeiler durft het al een keer aan om het wel te doen indien de wind gunstig is en in zijn voordeel blijft. Het is een kwestie van risico’s te durven nemen, waarvan de uitkomst achteraf pas blijkt als hij terug samenkomt bij de grotere groep zeilboten. Ervaring, zelfvertrouwen, kennis, de booteigenschappen en de windcondities bepalen uiteindelijk het eindresultaat. 

Allemaal zaken die jezelf nog onvoldoende machtig bent.

Goed, je bent in de startfase prima vertrokken met de groep deelnemers. Blijf je voorgangers volgen, ken je plaats en houdt rekening met alle voorrangsregels. Hou ook voldoende zijdelingse afstand van andere boten.

Marbleheads in actie

Zoek de goede windzones of propere wind genaamd, tijdens het zeilen. Zorg dat je aan een optimale snelheid blijft varen, vergelijk deze altijd met de andere boten en pas je zeilstanden aan waar het nodig is. Als je corrigeert, doe het altijd in kleine stapjes. Kijk en vergelijk.

Vermijdt vuile windzones in je omgeving. Deze zijn er veel meer dan je verwacht.

Soorten winden rond je zeilboot:

  1. Propere wind
  2. Schaduwwind
  3. Opwaartse en neerwaartse topzeil wind 
  4. Backwind

Met uitzondering van propere wind, worden al deze windsoorten opgewekt door de aanwezigheid van een zeilboot op het water, welke een directe invloed hebben op het windgedrag dit voor andere zeilboten in de nabijheid.

Propere wind:

Is een onverstoorde en zuivere wind die in de zeilen van je boot waait. Het karakter van deze wind kan ook wat wispelturig zijn, zowel in kracht als richting. Echter kunnen bomen, gebouwen, boten in je omgeving of andere obstakels deze windeigenschappen sterk beïnvloeden. Op dat moment spreken we over vuile wind. Meestal zijn deze ook turbulent en/of van richting gewijzigd tov de originele wind. Middelen zoals vaandels, wimpels en telltails kunnen je al heel wat informatie geven wat de wind doet rondom je boot.

Schaduwwind:

Is een vuile wind die veroorzaakt wordt door één of meerdere boten die voor of naast je eigen boot varen. Deze windzones bevinden zich aan de lijzijde van de andere boten, maar ook je eigen boot creëert schaduwwind. Vergelijk het met een lang voorwerp in de zon, welke een schaduw op de grond werpt.

De zeilen van de boot en de wind veroorzaken een windarme driehoek aan de lijzijde. Deze driehoek heeft een brede basis tegen de romp uitlopend naar een puntvorm wel tot 2-3 meter lengte. Zie schets.

Schaduwwind-zone

Het doorkruisen van deze schaduwwind-zone tijdens een inhaalmanoeuvre lukt nauwelijks of zelfs niet, welke ook heel afhankelijk is van de onderlinge en zijdelingse afstand tussen beide boten. Vermijdt het inhalen van voorgaande boten in je nabijheid via de lijzijde. Een betere tactiek is dit te doen aan loefzijde. Let op de voorrangsregels.

Onderlinge bootafstand is belangrijk tijdens het zeilen

Op- en neerwaartse topzeilwind:

Deze tweede soort vuile wind ontstaat ook in de schaduwwind-zone, maar door een ander effect. Tijdens het zeilen zal de boot overwegend overhellen, dit weg van de wind en meestal met een hellingshoek van 20-30°. De wind blaast tegen de zeilen en zal deze deels over de top opwaarts duwen, wat deels opwaartse wind veroorzaakt aan loefzijde.

Deze winden rollen over de top en vallen vervolgens turbulent neer aan de loefzijde van diens zeilen. Zie schets. 

Topzeilwind-zone

Het doorkruisen van deze topzeilwind-zone door een andere boot tijdens een inhaalmanoeuvre, verminderen de prestaties door het turbulente karakter en is afhankelijk van de zijdelingse afstand tussen beide boten.

Wederom een reden om weg te blijven in de nabijheid van een andere boot, welke je via zijn lijzijde probeert te naderen of zelfs wenst in te halen. Het karakter van deze wind in deze zone is dus luw, gewijzigd in richting en turbulent.

Backwind:

Dit is een turbulente windzone veroorzaakt door de wind die via de beide zeilen aan loefzijde afgeleid wordt richting het achtersteven.

Deze verlatende wind wordt door de zeilen van richting gewijzigd naar turbulente kopwind voor een achterliggende boot, indien deze zich achter of aan loefzijde van zijn voorganger bevindt. Zie schets. 

Backwind-zone

Het doorkruisen van deze backwind-zone door een andere boot tijdens een inhaalmanoeuvre, verminderen de prestaties drastisch door het kopwindse karakter. Indien de boten bijna parallel varen is afvallen geen optie, enkel oploeven voor de achterligger. Uiteraard is de onderlinge bootafstand bepalend hoe sterk de invloed is.

Bij het naderen van een andere boot, met de bedoeling deze in te halen, is het aangeraden alle vuile windzones veroorzaakt door deze voorligger, zoveel mogelijk te vermijden. 

Let hierbij op je vaarkoers zonder deze al teveel te wijzigen. Plan je inhaalmanoeuvre op voorhand en op een voldoende afstand van je voorligger. Blijf uit de buurt.

De keuze is of hoger aan de wind te varen, op enkele bootlengten verwijderd van je tegenstander, of desnoods af te vallen op gelijkaardige manier. Kom je tekort bij een vuile windzone, is oploeven de enige goede optie. De schaduwwind-zone, maar vooral de backwindzone bevaren is absoluut te vermijden. 

Kies vooraf je strategie, bereid je voor en hou je geplande zeiltraject in de gaten.

Naderen van de boei

Welke startpositie kies je best en hoe start je?

Ervaren radiozeilers zullen je tijdens het varen van manches, ongetwijfeld laten horen dat de startfase bijna het allerbelangrijkste moment van een wedstrijd is. Dit klopt. Wie slecht start, dient heel wat goed te maken, wat niet even eenvoudig is.

Starten vanuit stilliggende fase:

Bij het aftellen van het startsignaal, probeer dan telkens zo hoog mogelijk aan de wind te starten en net achter de startlijn bij het laatste signaal “GO”.

Hoe lager je aan de wind start, des te meer moet je de reeds afgevallen meters nadien terug ophalen door scherper en dus ook trager te varen of extra tacks in je traject te voorzien.

Let op tijdens de startfase dat je geen voorrangsregels overtreedt. Het zogenaamde indringen, waarbij een boot onrechtmatig een positie tussen andere deelnemers wil nemen, wordt al snel door luidop protest beantwoordt. De wedstrijdleiding zal deze deelnemer terecht wijzen en na het startsignaal zijn boot verplichten om onmiddellijk buitenom de startboei, opnieuw de startlijn te passeren. Natuurlijk heeft deze deelnemer al een achterstand verkregen tov de ondertussen vertrokken boten.

Het is beter om hoger aan de wind te starten in een tweede linie, dan te laag vlak achter de startlijn. Hierdoor voorkom je het indringen en of andere overtredingen op de voorrangsregels.

Let op tijdens een liggend start dat je boot niet wegdrijft van de startlijn, hou je boot in dezelfde vaarhouding. Soms is het beter kort voor de start af te vallen en om te keren naar een hogere positie achter een andere boot.

Klaar voor de start

Start zeker niet te vroeg. Sowieso moet je dan direct terugkeren, dit buitenom de startboei en opnieuw achteraan aansluiten, achter de startlijn voor het “GO”-signaal echt weerklinkt.

Meestal is het ook veiliger om de startlijn aan te vatten over bakboord-boeg. Kort na de start zullen naderende boten welke over over stuurboord-boeg, dan ook voorrang moeten verlenen. Waarschuw deze boten door hen “bakboord” te roepen, waardoor voor hen de aandacht gebracht wordt om uit te wijken om je eigen koers verder te zetten.

Ook belangrijk is dat je probeert, zo snel als mogelijk, de zuivere windzone op te zoeken. Denk steeds aan de voorrangsregels, zeker tijdens de nog drukke fase kort na de start. Kies vooraf je strategie, bereid je voor en hou je geplande zeiltraject in de gaten.

Bij het aftellen naar het startsignaal, probeer telkens zo hoog mogelijk aan de wind te starten en net achter de startlijn.

Starten vanuit varende fase of vliegend start genaamd:

Deze manier van starten vraagt heel wat oefening om het goed te doen en zonder ernstige fouten te maken en eventueel protest uit te lokken.

Vaar tot aan de startlijn, dit met 20 seconden resterend voor het weerklinken van het startsignaal. Vaar nu zo snel mogelijk in rechte lijn weg van de startlijn. Keer na 12 seconden 180° resterend terug richting startlijn. Deze draaibeweging maak je al gijpend, wat een tweetal seconden nodig heeft om uit te voeren. Ga nu in volle vaart recht terug naar de startlijn.

Bij het naderen van de startlijn dien je vooraf een vrije ruimte te kiezen zonder daarbij enige deelnemer te hinderen of zijn voorrang te ontzeggen.

Meestal kan je geen positie kiezen hoog aan de wind, daar deze al druk bezet zijn door de rest van het deelnemersveld. Duik nooit midden tussen de groep deelnemers, sowieso lokt dit protest uit. Vaar iets lager en behoudt vooral je snelheid. Net wanneer het startsignaal weerklinkt, ben je ook op de startlijn zelf, met het grote verschil dat je boot al op volle snelheid is. Dit terwijl de andere deelnemers pas snelheid beginnen te maken. Hier kan je al direct een aantal bootlengtes als voorsprong maken.

Door de lagere gekozen windpositie met deze startmethode, dien je wel rekening te houden met de afgevallen afstand tov de windrichting, welke nadien nog terug dient op te halen.

Close combat

Daarom is het beter deze methode enkel toe te passen tot maximaal 7-8 deelnemers. Met nog meer deelnemers, dien je veel te laag te starten op de startlijn en lijkt het wel of je het snelste starter bent, maar in realiteit niet door de nog later te overbruggen meters die je bent afgevallen tov de andere boten.

Korte of lange tacks:

Met een zeilboot kan je natuurlijk niet recht naar een windrichting zeilen.

Aan de wind is een term uit de zeilvaart, waarmee een koers wordt aangeduid waarbij de wind voorlijker dan dwars inkomt. De lengte-as van de zeilboot maakt dan met de windrichting een hoek tussen 45 en 90 graden. De boot zeilt aan de wind.

Maw om aan de wind van een lagere boei naar een hogere boei te zeilen, doe je dit in een zigzag-patroon of tacks genoemd. Bij het plannen van het aantal tacks, lang of kort, is het belangrijk dat je bij de laatste tack uitkomt aan de juiste zijde van de boei die je wenst te ronden.

Om elke tack te varen dien je telkens te loeven waarbij de beide gieken telkens wisselen van boeg en de vaarrichting wijzigt. Let op, tijdens het loeven vormt je boot een hindernis en vervalt ook alle recht op voorrang. Dit manoeuvre vraagt tijd om goed uit voeren, enkel is hier de vraag hoeveel tacks je wil uitvoeren. De basis is simpel, zo weinig als enigszins mogelijk. Makkelijk gezegd, maar de praktijk is niet zo eenvoudig.

Denk vooraf na over je traject dat je wil varen. Probeer het traject in 2 tacks uit te voeren. De reden hiervoor zijn onderstaande voorbeelden: 

In dit voorbeeld vaart de boot met een gemiddelde snelheid 1.4m/sec oftewel 5km/u. Elk overstag actie neemt 5 sec tijd in beslag. Totaal 7 overstag acties. De totale nodige tijd bedraagt 105 sec om 80 meter te overbruggen.De totaal afgelegde weg bedraagt 112 meter. 

De boot vaart ook nu met een gemiddelde snelheid 1.4m/sec oftewel 5km/u. Elk overstag actie neemt 5 sec tijd in beslag. Totaal 3 overstag acties. De totale nodige tijd bedraagt 95 sec om 80 meter te overbruggen, dus 10 sec minder dan situatie 1, de voorsprong bedraagt reeds 14 meter !De totaal afgelegde weg bedraagt desondanks ook dezelfde 112 meter. 

De boot vaart met een gemiddelde snelheid 1.4m/sec oftewel 5km/u. Elk overstag actie beneemt 5 sec tijd in beslag. Totaal 1 overstag actie. De totale nodige tijd bedraagt 85 sec om 80 meter te overbruggen, dus 20 sec minder dan situatie 1, de voorsprong bedraagt reeds 28 meter !De totaal afgelegde weg bedraagt desondanks ook dezelfde 112 meter.

Dus kan je besluiten dat je het aantal tacks zo laag mogelijk moet proberen te houden. In praktijk zullen de meeste radiozeilers dit ook doen, waarbij op het einde soms nog een korte dubbele tacks uitgevoerd worden om de bovenboei juist te kunnen ronden.

Boeien ronden:

Het ronden van boeien is steeds afhankelijk van de windrichting.

Aan de wind boeien ronden:

Aan de wind boei ronden

Kort langs de boei in, kort achter de boei uit. Blijf hierbij gefocust, laat je niet afleiden.

Voor de wind boeien ronden:

Voor de wind boei ronden

Ruim langs de boei in, kort achter de boei uit. Blijf hierbij gefocust, laat je niet afleiden.

Bij deze laatste worden regelmatig fouten gemaakt, door te ver achter de boei te ronden. Verloren meters die men nadien moet proberen terug te winnen. Blijf gefocust, laat je niet afleiden.

Let op: indien je geen deelnemers in je buurt zijn, kan je deze tactiek perfect uitvoeren voor beide situaties. Indien wel boten in je buurt zijn, denk aan de voorgeschreven voorrangsregels.

Radiozeilen is inderdaad een sport waarbij je vooraf tactisch denkt. De meeste keuzes liggen bij jezelf, wat je denkt en doet, beslist bijna alles en vertaalt zich in het eindresultaat.

Oefening baart kunst. Veel succes!

Zeil en geniet!

© Copyright RCZEILEN